Artikel Jumbo Magazine

n de weides van melkveehouder Paul Schots staan een stuk of zeventig koeien. Met de melk die ze geven, worden onder andere de nieuwe biologische boerderij­yoghurts van Campina gemaakt.

OORSPRONG
De biologische boerderijyoghurt van Campina is er bij Jumbo in de smaken naturel en aardbei.

De Hofstad
De Hofstad is een familiebedrijf dat sinds 2014 wordt gerund door Paul (36) en Lia (36) Schots. Als je Paul tien jaar geleden had verteld dat hij op zijn 38e zeventig koeien zou hebben, 45 hectare land zou bezitten en in het Brabantse dorp Breugel zou wonen, had hij je voor gek verklaard. Hij werkte in die tijd als marketingmanager voor Philips en woonde in Uden. Toch zou hij nu niet meer anders willen. “Ik vind het heerlijk om boer te zijn. Mijn werk is leuk, ik zie mijn kinderen veel, en ’s avonds heb ik geen files – nou ja, tractoren voor de deur staan,” lacht hij. “Wat wil je nog meer?”

Samen ondernemen
Lia is opgegroeid op een melkveehouderij, maar in eerste instantie koos zij voor een andere toekomst. Ze deed een diergeneeskundige opleiding. En nog steeds werkt zij drie dagen per week als dierenarts. Wel waren zij altijd al op zoek naar een manier om samen te kunnen ondernemen en hielden ze allerlei dieren, zoals kippen, geiten, konijnen en een kalfje. Op een dag kwam oom Albert met de vraag wie in de familie zijn melkveehouderij over wilde nemen. “Dat is iets voor ons,” zei Lia meteen. Paul, die zijn leven zelden een stal van binnen had gezien, twijfelde. Maar Albert had er wel een naar zijn stel toe weten te brengen. “Dat is de beste methode,” weet Paul nu.

Biologisch
Vier jaar geleden verhuisde het stel met hun twee kleine kinderen naar de boerderij. Ze besloten de melkveehouderij biologisch te maken. “Dat betekent dat je moet werken volgens biologische richtlijnen voor melkveehouderij,” legt Lia uit. “Zo krijgen de koeien biologisch voer en bestrijden we onkruid op een natuurlijke manier. We ploegen daarvoor elk jaar één weide om en planten er mais of ander onkruid te verwijderen. Ook hebben we speciale, sterke koeien van het MRIJ-ras. Die zorgen in de eerste plaats heel goed voor zichzelf. Dat betekent dat ze soms minder melk geven als ze het zelf nodig hebben om op kracht te blijven, maar ze worden minder snel ziek.”

‘Die eerste dag in de wei doen ze een soort koeiendans!’

Bijna bevallen
De koeien staan tevreden in de wei. Zij mochten de eerste woensdag van april voor het eerst weer naar buiten. “Ze doen dan een soort koeiendans,” vertelt Paul. “Er komen zo’n 150 mensen uit het dorp af, die uitkijken hoe ze springen en rennen in onze weides.” De kleinste kalfjes staan in de stal. Zodra ze drie maanden oud zijn en geen melk meer nodig hebben, mogen ze naar buiten. Daar leren ze om gras te eten. In de zomermaanden volgen de meeste zwangere koeien staat aan dame op het punt van bevallen. “Je ziet haar staart strak naar achteren staan,” zegt Lia. “Dat zal niet lang meer duren.” Paul geeft de koeien geen naam, maar hij herkent ze wel. “Niet aan hun snoet hoor,” grijnst Paul, “maar aan hun uiers. Die zie ik twee keer per dag bij het melken, dus die herken ik uit duizenden!”

‘Na het melken ’s avonds eet ik altijd een grote bak volle yoghurt’

Boerderij de Hofstad
Boerderij de Hofstad levert al 50 jaar melk aan Campina.
De 70 koeien geven iedere week samen zo’n 9000 liter melk.

Een koe geeft alleen melk als er een kalfje is geboren. Paul en Lia proberen er daarom voor te zorgen dat iedere koe ongeveer één keer per jaar een kalfje krijgt. Op die manier zorgen ze ervoor dat de koe optimaal melk geeft door het jaar heen.

Vaste routine
De dagen van Lia en Paul bestaan grotendeels uit vaste routine. “Ik sta ’s ochtends om zes uur op om de koeien te melken,” vertelt Paul. “Dat duurt ongeveer twee uur. Ondertussen maak ik de stallen schoon. Rond achten schuif ik bij mijn gezin aan voor het ontbijt. Daarna houd ik me bezig met managementtaken, zoals het contact met de toeleverancier, en lees ik op de computer uit hoe de dieren eten en hoe actief ze zijn. Wat ik verder doe, hangt af van wat er moet en hoe het weer is. Oom Albert is nog steeds betrokken bij de boerderij en voert de dieren. Hij woont hiernaast.” Het gezin eet elke avond vroeg, zodat Paul om zes uur de koeien voor de tweede keer kan melken. Rustig op de achtergrond werkt Paul en Lia niet bij, ze praten liever over nieuwe plannen. Inmiddels zijn ze al gestart met de verkoop van biologische vleesproducten, ontvangen ze als gecertificeerde Klasseboer scholklassen en wordt een ruimte op de boerderij verhuurd voor vergaderingen en workshops. Daarnaast zijn er plannen voor een zorgboerderij, ijsmakerij en kinderopvang. “Ik ben altijd aan het nadenken over wat we nog meer met de boerderij kunnen doen.”

Van melk naar yoghurt
Eens in de drie dagen rijdt een grote Campina-vrachtwagen het erf op. Meestal is dat net nadat ik klaar ben met melken ’s ochtends,” vertelt Paul. Binnen een paar minuten heeft hij zo’n 4000 liter melk geladen, die wordt gekoeld tot een temperatuur van 3,5 graden. Hierna rijdt de chauffeur naar een andere biologische boerderij om hookup te maken, en uiteindelijk 35.000 liter melk bij de biologische Campinafabriek in Maasdam af te leveren. Daar wordt de melk gepasteuriseerd en verwerkt tot onder andere biologische karnemelk en yoghurt, waaronder ook de nieuwe Campina biologische boerderijyoghurt. “De yoghurt is mijn eigen favoriet. Na het melken ’s avonds heb ik meestal wel trek. Ik eet dan altijd een grote bak volle yoghurt, het liefst met muesli en een scheutje limonade. Melk drink ik zelden, hoewel ik van ijskoude karnemelk best kan genieten, tussen het werk door.” Wat biologische yoghurt extra lekker maakt? “Lia’s melk komt van koeien die zoveel mogelijk buiten lopen, in kruidenrijke weides zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Als je goed voor de koeien zorgt, zorgt zij goed voor jou. En dat proef je aan haar melk.”